Zij gaat zonder rem in een vrede die doorgesteekt wordt door de bliksem van opspringende forels. Ze houdt die geheim in haar helderheid. Ze verschaft hen een schuilplaats van brede stenen die haar bed dekken en die soms door een subtiele hand doorgezocht worden.
Wie in haar loopt weet het goed: die stenen die door haar doorzichtigheid van de zon van August genieten, zijn warm en glibberig voor naakte voeten.
Want om haar te overwinnen en eer aan te doen moet men zich aan haar vloeibaarheid vermengen en zich aan haar nauwkeurige vervluchtingen aanbieden, die de been in haar beweging
houden.
En dat is voor de bosrenner meer dan een lopend taal of een frisheid van water op de
leden. Tekst van Octave Servais.
De rivier biedt een reeks verschillende landschappen en biotopen, wat voor de visser aangenaam is want hij zal gemakkelijk plaatsen vol forels kunnen vinden.
|